Uitspraak
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
.De proceskosten van [verzoeker] worden begroot op:
3.De beslissing
1 januari 2026 tot de dag van volledige betaling,
Rechtbank Gelderland
In deze arbeidsrechtelijke zaak vordert de werknemer, hierna verzoeker genoemd, een transitievergoeding van Dorrestijn Timmerfabriek na beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Na een eerdere tussenbeschikking is de procedure voortgezet met nadruk op de hoogte van het brutosalaris en de transitievergoeding.
De werknemer stelde het brutosalaris vast op €2.858,83 per vier weken, omgerekend €3.096,11 per maand, wat resulteert in een transitievergoeding van €19.106,82. Deze bedragen werden door Dorrestijn Timmerfabriek erkend. De kantonrechter wijst op basis hiervan de gevorderde transitievergoeding toe, met wettelijke rente vanaf 1 januari 2026 tot volledige betaling.
Daarnaast wordt Dorrestijn Timmerfabriek veroordeeld tot betaling van de proceskosten van de werknemer, begroot op €1.039,00, bestaande uit griffierecht, salaris gemachtigde en nakosten. Exploot- en betekeningskosten worden niet toegewezen vanwege toevoeging van de werknemer. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Dorrestijn Timmerfabriek wordt veroordeeld tot betaling van een transitievergoeding van €19.106,82 met wettelijke rente en proceskosten.