ECLI:NL:RBHAA:2008:BF1177
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Burg
- De Vries - Van den Heuvel
- Kilic
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit vals paspoort ondanks asielaanvraag en toepassing artikel 31 Vluchtelingenverdrag
De rechtbank Haarlem behandelde de zaak van verdachte die op Schiphol werd aangehouden met een vervalst Zuid-Koreaans paspoort, terwijl hij Nederland was binnengekomen met een geldig Chinees paspoort. Verdachte verklaarde asiel te willen aanvragen vanwege politieke vervolging in China. Het openbaar ministerie vervolgde verdachte wegens bezit van een vals paspoort, waarbij artikel 31 van Pro het Vluchtelingenverdrag centraal stond.
De rechtbank oordeelde dat artikel 31 Vluchtelingenverdrag Pro alleen bescherming biedt tegen strafvervolging indien sprake is van onrechtmatige binnenkomst met het valse paspoort. Omdat verdachte met een geldig paspoort binnenkwam en het valse paspoort pas daarna gebruikte, kon hij geen beroep doen op deze bescherming. Verder werd het vervolgingsbeleid van het openbaar ministerie niet als willekeurig aangemerkt en werd de stelling van onrechtmatige stelselmatige observatie verworpen.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het valse paspoort bezat en veroordeelde hem tot twee maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest. De rechtbank hield rekening met de mogelijke verblijfsrechtelijke consequenties, maar vond de handelwijze van verdachte dermate verwijtbaar dat de straf opgelegd moest worden. Inbeslaggenomen persoonlijke eigendommen werden aan verdachte geretourneerd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twee maanden gevangenisstraf wegens bezit van een vals paspoort.