Uitspraak
[eiseres], eiseres, hierna gezamenlijk te noemen eisers
17.Gelet op het voorgaande zijn de beroepen ongegrond.
18.Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 juni 2015.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Eisers waren in dienst bij een werkgever die op 17 december 2013 failliet werd verklaard. Zij hadden arbeidsovereenkomsten voor respectievelijk 10 en 20 uur per week, maar stelden feitelijk 41 uur per week te hebben gewerkt. Na het faillissement vroegen zij een uitkering aan op grond van hoofdstuk IV van de WW, waarbij de uitkering werd toegekend op basis van de contractuele uren.
Eisers maakten bezwaar tegen deze besluiten en voerden aan dat de uitkering op basis van de feitelijke arbeidsomvang van 41 uur per week moest worden berekend. Verweerder verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat er gerede twijfel bestond over de omvang van de vordering en dat eisers onvoldoende hadden gehandeld om achterstallig loon te verkrijgen.
De rechtbank oordeelde dat de loonvordering over de vermeende overuren aan gerede twijfel onderhevig is. De arbeidsovereenkomst en loonbetalingen waren gebaseerd op de contracturen en het contractuele salaris. Eisers hadden nooit loon gevorderd op basis van 41 uur per week en er was geen bewijs dat zij loon over die uren hadden geclaimd of ontvangen.
De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep dat alleen duidelijk en concreet aanwijsbare vorderingen voor overneming in aanmerking komen. De vermeende overuren waren niet voldoende aannemelijk gemaakt, waardoor de loonvordering beperkt bleef tot de contractuele uren. De beroepen werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De loonvordering over vermeende overuren wordt afgewezen wegens gerede twijfel en beperkt tot het contractueel overeengekomen aantal uren.