Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
- [benadeelde partij 1] , bijgestaan door mr. F. Oehlen, advocaat te Beek;
- [benadeelde partij 2] , bijgestaan door mr. A. Sarkis, advocaat te Maastricht;
- [benadeelde partij 3] , bijgestaan door mr. S. Ikiz, advocaat te Vaals;
- De nabestaanden van [slachtoffer 1] - zijn vrouw [benadeelde partij 4] en zonen [benadeelde partij 5] en [benadeelde partij 6] . [benadeelde partij 4] en [benadeelde partij 5] werden daarbij bijgestaan door mr. Oehlen, voornoemd. [benadeelde partij 6] werd bijgestaan door mr. P. Boonen, advocaat te Sittard;
- [benadeelde partij 7] , tevens nabestaande van [slachtoffer 2] , bijgestaan door mr. Ikiz, voornoemd;
- De overige nabestaanden van [slachtoffer 2] - haar man [benadeelde partij 8] , zonen [benadeelde partij 9] en [benadeelde partij 10] , dochters [benadeelde partij 11] en [benadeelde partij 12] en schoonzoon [benadeelde partij 13] - allen bijgestaan door mr. Sarkis, voornoemd en schoonzoon [benadeelde partij 14] , bijgestaan door mr. L. Bien, advocaat te Maastricht;
- [benadeelde partij 15] en [benadeelde partij 16] , bijgestaan door mr. Sarkis, voornoemd;
- [benadeelde partij 17] , bijgestaan door mr. Bien, voornoemd;
- [benadeelde partij 18] en [benadeelde partij 19] , bijgestaan door mr. Sarkis, voornoemd.
2.De tenlastelegging
[de rechtbank begrijpt het slachtoffer en de verdachte]samen zag lopen. Ze liepen door en hij, [getuige 1] , liep achter hen. Ze liepen in de richting van een parkje en ze begonnen te vechten. Daarna riep het slachtoffer naar [getuige 1] : “Kom snel, kom snel, hij heeft een mes en probeert mij te steken.” Toen hij bij hen aankwam, lagen [benadeelde partij 1] en de verdachte op de grond en waren ze aan het vechten. Hij zag dat [benadeelde partij 1] was gestoken. Verder zag hij dat de verdachte een mes in zijn hand had. [getuige 1] pakte de arm vast waarmee de verdachte het mes vasthield en zei meermalen dat hij het mes moest loslaten. [getuige 1] gaf ook een klap op de hand van de verdachte. Op een gegeven moment liet de verdachte het mes los. Daarna stond de verdachte op, pakte het mes en liep weg. [6]
[de rechtbank begrijpt de plaats waar de verdachte bij zijn aanhouding het mes heeft laten vallen]. [9]
- [benadeelde partij 3] , waarbij het geweld werd gepleegd in het Turks Cultureel Centrum,
- [slachtoffer 1] , waarbij het geweld werd gepleegd in de [adres 4] ,
- [slachtoffer 2] , [benadeelde partij 7] en [benadeelde partij 15] , waarbij het geweld werd gepleegd in de [adres 5] .
[roepnaam: [benadeelde partij 15] , rechtbank][benadeelde partij 15] verklaart dat hij die avond van 14 december 2017 op de bank zat in zijn woning aan de [adres 5] 9 te Maastricht. Vanaf die plaats keek hij recht tegen de voordeur aan van de woning aan de [adres 5] 10. Kort na 21.00 uur zag hij de man des huizes, [benadeelde partij 8] , en de zonen vertrekken. Even later zag hij een man aanbellen bij de woning. Toen de voordeur werd geopend door zijn overbuurvrouw [slachtoffer 2] zag hij dat de man die had aangebeld, de voordeur verder openduwde. De man pakte een mes en begon te steken. [slachtoffer 2] probeerde de deur dicht te duwen. [benadeelde partij 15] ging naar buiten en zag dat de voordeur van nummer 10 vervolgens gesloten was. Hij heeft toen vanuit de gang van zijn woning een moersleutel gepakt. Toen hij weer bij de voordeur van nummer 10 aankwam, ging deze open. Hij zag dat [slachtoffer 2] in de gang bij de voordeur op de grond lag en dat de man nog steeds op haar aan het insteken was. Verder zag hij dat de man met de dochter van [slachtoffer 2] , genaamd [benadeelde partij 7] , aan het vechten was. De man maakte stekende bewegingen in de richting van het lichaam van [benadeelde partij 7] die gehurkt op de grond zat. [benadeelde partij 7] trachtte een en ander af te weren met haar armen. [benadeelde partij 15] sloeg de man met de moersleutel op zijn voorhoofd. Hij zag dat de man achterover viel in de richting van [slachtoffer 2] . Hij dacht dat de man door de slag wel even weg was, maar de man stond op en kwam met een zwaaiende en stekende bewegingen zijn kant op. Hij voelde dat hij geraakt werd door het mes. Hij voelde meteen bloeddruppels over zijn gezicht lopen. De man kon niet weg, omdat [benadeelde partij 15] zijn vluchtweg blokkeerde. De man kwam vervolgens weer op hem af. [benadeelde partij 15] sloeg hem nogmaals met de moersleutel. Toen [benadeelde partij 15] harder begon te bloeden, is hij naar zijn woning gegaan. Daardoor kon de man vluchten. [37]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en de maatregel
7.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
.Eerst zal de rechtbank het beoordelingskader bespreken, om daarna toe te komen aan de bespreking van alle ingediende vorderingen.
- € 10.000,- aan letselschade
- € 770,- aan eigen risico van de zorgverzekering
- € 300,- aan kosten kleding/schoenen
- € 65,45 aan kosten opvragen stukken huisarts
- € 131,40 aan reiskosten
- € 150,- aan ziekenhuisdaggeldvergoeding
- de vordering ter zake inkomstenderving
- de vordering ter zake studievertraging
- de vordering ter zake verplaatste schade
- € 8.628,71 aan kosten voor de uitvaart en een grafmonument
- € 5,30 aan reiskosten
- € 30,46 aan reiskosten
- de vordering ter zake shockschade
- € 20.000,- aan letselschade
- € 50.000,- aan shockschade
- de vordering ter zake affectieschade
- de vordering ter zake kosten huishoudelijke hulp
- de vordering ter zake eigen risico van de zorgverzekering
- de vordering ter zake shockschade
- de vordering ter zake kosten opvragen stukken huisarts
- € 15.000,- aan shockschade met niet-ontvankelijkverklaring voor het meer gevorderde
- € 1.075,- aan kosten voor het plaatsen van een grafmonument
- € 41,07 aan kosten opvragen stukken huisarts
- de vordering ter zake affectieschade
- de vordering ter zake kosten huishoudelijke hulp
- de vordering ter zake eigen risico van de zorgverzekering
- de vordering ter zake affectieschade
- de vordering ter zake shockschade
- de vordering ter zake kosten huishoudelijke hulp
- de vordering ter zake eigen risico van de zorgverzekering
- de vordering terzake kosten opvragen stukken huisarts
- de vordering ter zake affectieschade
- de vordering ter zake shockschade
- de vordering ter zake kosten huishoudelijke hulp
- de vordering ter zake eigen risico van de zorgverzekering
- de vordering ter zake kosten opvragen stukken huisarts
- de vordering ter zake affectieschade
- de vordering ter zake shockschade
- de vordering ter zake kosten huishoudelijke hulp
- de vordering ter zake eigen risico van de zorgverzekering
- de vordering ter zake kosten opvragen stukken huisarts
- € 5.000,- aan letselschade
- € 15.000,- aan shockschade
- € 40,- aan kosten vervanging bril
- € 41,07 aan kosten opvragen stukken huisarts
- € 149,35 aan reiskosten
- € 2.500,- aan shockschade
- € 41,07 aan kosten opvragen stukken huisarts
- € 70,17 aan reiskosten
- € 3.500,- aan shockschade
- € 41,07 aan kosten opvragen stukken huisarts
- de vordering ter zake shockschade
- de vordering ter zake kosten opvragen stukken huisarts
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat hij van overheidswege wordt verpleegd;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 1] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 11.416,85 euro, bestaande uit € 1.416,85 materiële schade en € 10.000,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 januari 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Wijst de vordering voor het overige, met betrekking tot de posten inkomstenderving, studievertraging en verplaatste schade, af;
- Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 1] van een bedrag van € 11.416,8, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 januari 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
03/866048-18)
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 2] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 1.250,00 wegens immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 2] van een bedrag van € 1.250, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 3] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 650,00 wegens immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 4] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 8.634,01 wegens materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de post shockschade en de resterende reiskosten,
af; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 4] van een bedrag van € 8.634,01, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 5] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 2.112,50 wegens materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 5] van een bedrag van € 2.112,50, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 6] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 2.325,00 wegens materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 6] van een bedrag van € 2.325,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 7] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 70.000,00 wegens immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde partij 7] in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de verhuiskosten,
- Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 7] van een bedrag van € 70.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 8] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 2.223,13 wegens materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde partij 8] in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de posten shockschade en opvragen stukken huisarts
- Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de posten affectieschade, kosten huishoudelijke hulp en eigen risico van de zorgverzekering,
af; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 8] van een bedrag van € 2.223,13, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 10] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 16.116,07, bestaande uit € 1.116,07 materiële schade en € 15.000,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaaltdat de benadeelde partij [benadeelde partij 10] in het gedeelte van de vordering voor shockschade dat het toegewezen gedeelte overstijgt
niet-ontvankelijkis; - Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de posten affectieschade, kosten huishoudelijke hulp en eigen risico van de zorgverzekering,
af; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 10] van een bedrag van € 16.116,07, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 9] , wonende te Herne (Bondsrepubliek Duitsland), van een bedrag van € 15.000,00 wegens immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaaltdat de benadeelde partij [benadeelde partij 9] in het gedeelte van de vordering voor shockschade dat het toegewezen gedeelte overstijgt
niet-ontvankelijkis; - Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de post affectieschade,
af; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 9] van een bedrag van € 15.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 15] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 20.230,42, bestaande uit € 230,42 euro materiële schade en € 20.000,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde partij 15] in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de verhuiskosten/huurprijsverschil,
- Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de post affectieschade,
af; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 15] van een bedrag van € 20.230,42, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 16] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 2.611,24, bestaande uit € 111,24 materiële schade en € 2.500,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Bepaalt dat de benadeelde partij [benadeelde partij 16] in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de verhuiskosten/huurprijsverschil,
- Wijstde vordering voor het overige, met betrekking tot de post affectieschade,
af;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
toeen veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij 18] , wonende te Maastricht, van een bedrag van € 3.541,07, bestaande uit € 41,07 materiële schade en € 3.500,00 immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; - Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil;
- Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde partij 18] van een bedrag van € 3.541,07, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, bij niet-betaling te vervangen door 1 dag hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;
- Bepaalt dat de verdachte van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde partij is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade;
- Wijstde vordering van de benadeelde partij
af; - Veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot op heden op nihil.