ECLI:NL:RBNHO:2022:7208
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoeken om terugbetaling douanerechten wegens niet-zuivering T1-documenten
Eiseres heeft twee verzoeken ingediend om terugbetaling van douanerechten die haar zijn opgelegd wegens niet-zuivering van T1-documenten bij invoer van goederen onder de regeling extern communautair douanevervoer. De verzoeken zijn afgewezen door verweerder, waarna eiseres bezwaar en beroep instelde.
De rechtbank stelt vast dat de goederen niet zijn aangebracht bij het aangegeven kantoor van bestemming, zoals vereist, en dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd dat bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die terugbetaling op grond van artikel 239 van Pro het CDW rechtvaardigen. De stellingen over disfunctioneren van de Antwerpse douane worden niet aannemelijk geacht en de bewijslast ligt bij eiseres.
Daarnaast wordt een verzoek om inbreng van een stuk ter zitting afgewezen wegens schending van termijnen en procesorde. De rechtbank oordeelt dat verweerder alle relevante stukken heeft overgelegd die een rol hebben gespeeld bij de besluitvorming. Een beroep op artikel 124 van Pro het DWU wordt verworpen omdat de douaneschulden zijn ontstaan op grond van het CDW en niet het DWU.
De rechtbank wijst de beroepen af, maar kent eiseres een immateriële schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling. Tevens worden proceskosten en griffierecht deels toegewezen aan eiseres. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Holland op 15 juli 2022.
Uitkomst: De verzoeken om terugbetaling van douanerechten worden afgewezen, maar eiseres krijgt een immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.