ECLI:NL:RBNNE:2013:CA2771
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning immateriële schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in belastingzaken
Eiseres heeft bezwaar en beroep ingesteld tegen naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen inzake omzetbelasting en vennootschapsbelasting. De rechtbank beoordeelde of de redelijke termijn voor behandeling van deze procedures was overschreden en of eiseres recht had op immateriële schadevergoeding.
De rechtbank stelde de redelijke termijn vast op twee jaar en acht maanden, rekening houdend met de proceshouding van eiseres en de omvang van het dossier. De totale behandelduur overschreed deze termijn in de zaken, waarbij de overschrijding deels aan de inspecteur en deels aan de Staat werd toegerekend. De rechtbank wees toe dat de periode na indiening van de verweerschriften voor rekening van de Staat komt.
De rechtbank oordeelde dat de procedures 09/1869 en 10/1064 in hoofdzaak op hetzelfde onderwerp betrekking hadden, waardoor slechts één schadevergoeding werd toegekend voor deze zaken. De hoogte van de schadevergoeding werd vastgesteld op €1.000 voor zaak 09/1869 en €1.500 voor zaak 09/1870, verdeeld tussen inspecteur en Staat. De rechtbank wees proceskosten toe aan eiseres niet toe.
Uitkomst: Inspecteur en Staat worden veroordeeld tot betaling van immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn in bezwaar- en beroepsprocedures.