Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[eiser sub 1]
1.De procedure
2.De feiten
3.De vordering en het verweer in conventie en in reconventie
- voor recht zal verklaren dat Dexia onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisers] en/of toerekenbaar is tekort geschoten,
- voor recht zal verklaren dat [eisers] schade hebben geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen van Dexia en Dexia gehouden is die schade te vergoeden,
- Dexia zal veroordelen tot voldoening aan [eisers] van al datgene dat [eisers] aan Dexia heeft betaald onder de overeenkomsten, vermeerderd met de wettelijke rente daarover,
- Dexia zal veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten van [eisers] , met rente,
- Dexia zal veroordelen in de proceskosten en de nakosten, met rente.
- voor recht zal verklaren dat Dexia voor genoemde overeenkomsten niets meer aan [eisers] verschuldigd is,
- [eisers] ex artikel 195 Rv Pro zal veroordelen om aan Dexia een afschrift te verstrekken van het intakeformulier waar de door Leaseproces namens [eisers] in deze procedure ingenomen feitelijke stellingen aan zijn ontleend,
- [eisers] zal veroordelen in de proceskosten, met rente.
- dat ten onrechte de gemachtigde van de afnemer op zijn woord wordt geloofd;
- dat zonder verder bewijs wordt aangenomen dat sprake is geweest van advisering door de tussenpersoon;
- dat Dexia door het extreme tijdsverloop onredelijk is benadeeld in haar mogelijkheden om (tegen)bewijs te leveren;
- dat ten onrechte wordt aangenomen dat op Dexia een onderzoeks- en ondervragingsplicht rust, en
- dat Dexia ten onrechte niet wordt toegelaten tot (tegen)bewijs.
- Betaalde inleg € 9.649,80
- Totaal door [eisers] betaald € 9.649,80
- Dividenduitkeringen € 2.091,85
- Opbrengst eindafrekening € 1.570,56
- Fiscaal voordeel
€ 632,50 (2,5 punten x € 253,00) +
T&C Rv, Boek I, Titel 2, Afd. 10, inleidende opmerkingen, onder 2). Dexia heeft haar incidentele vordering afhankelijk gesteld van het oordeel van de kantonrechter ten aanzien van de stelplicht en bewijslast ter beoordeling van een van die vorderingen. Het is aan Dexia om de stellingen van [eisers] voldoende concreet te betwisten. Doet zij dit niet, dan wordt aan bewijslevering niet toegekomen. Als zij van mening is dat zij voor een gemotiveerde betwisting de beschikking dient te krijgen over bepaalde bescheiden dan had zij daartoe direct een vordering ex artikel 195 Rv Pro moeten indienen. Dat kan niet meer als de kantonrechter daarover al een oordeel heeft gegeven. Dat zou er immers op neerkomen dat Dexia wenst dat de kantonrechter – na een incidentele procedure – op een dergelijk oordeel terugkomt. Daar is een incidentele procedure niet voor bedoeld. De kantonrechter zal Dexia niet-ontvankelijk verklaren in het incident. Om die reden zal Dexia ook worden veroordeeld in de proceskosten in het incident.