Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 12 september 2016 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
.
Stichting Katholiek en Protestants-Christelijk Onderwijs Eindhoven en omgeving (SKPO), gemachtigden:
Rechtbank Oost-Brabant
Eiser, voormalig docent bij SKPO, ontving een WW-uitkering waarvan het dagloon werd vastgesteld op basis van een referteperiode waarin zijn loon vanwege ziekte met 30% was verlaagd. Verweerder paste het Dagloonbesluit toe dat sinds 1 juli 2015 geen rekening meer houdt met loonderving door ziekte bij de dagloonberekening.
De rechtbank oordeelt dat deze toepassing geen recht doet aan het loondervings- en verzekeringsprincipe van de WW, dat vereist dat het dagloon een redelijke afspiegeling is van het welvaartsniveau van de werknemer bij het intreden van het verzekerde risico. De jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit uitgangspunt.
De rechtbank wijst op de memorie van toelichting bij de Wet administratieve lastenverlichting en vereenvoudiging in sociale verzekeringswetten, waaruit blijkt dat de wetgever rekening wilde houden met situaties waarin werknemers minder loon ontvangen wegens ziekte. Het huidige Dagloonbesluit voorziet hierin niet, waardoor het besluit onverbindend is voor zover het het loondervingsbeginsel verlaat.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Verweerder heeft geen gebruik gemaakt van de bestuurlijke lus om het gebrek te herstellen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen waarbij rekening wordt gehouden met het loondervingsbeginsel.