ECLI:NL:RBROT:2012:BW6484
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling handhaving heffing toezichtkosten door AFM aan accountantsorganisatie
De zaak betreft een geschil tussen Springeling & Co registeraccountants B.V. en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) over de hoogte en rechtmatigheid van een heffing uit hoofde van de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta) over 2009.
Springeling betoogde onder meer dat zij onterecht kosten voor doorlopend toezicht werden opgelegd terwijl zij vanaf januari 2009 feitelijk niet meer actief was, en dat de vergunning per 1 januari 2009 had moeten worden ingetrokken. De rechtbank oordeelt dat de heffing verbonden is aan de vergunning en niet aan de feitelijke activiteiten, en dat intrekking van de vergunning met terugwerkende kracht niet mogelijk is.
De rechtbank stelt vast dat AFM in eerdere procedures een wijzigingsbesluit niet aan de rechtbank had toegezonden, maar dat dit besluit terecht in de heroverweging is betrokken. De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat de heffing van € 5.217,67 terecht is gehandhaafd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de heffing van € 5.217,67 terecht is gehandhaafd.