Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 10 november 2022 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
De Nederlandsche Bank N.V. (DNB)
Inleiding
Begripsbepaling
Totstandkoming van het besluit
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
de zekerheid dat de (ver)bouw van de woning (project), bij faillissement van de opdrachtnemer(s), voor exact dezelfde voorwaarden zoals overeengekomen en vermeld in de tussen partijen gesloten aanneemovereenkomst wordt afgebouwd”. Anders dan eiseres aanvoert blijkt hieruit dat het risico op faillissement van de oorspronkelijke aannemer van de klant op eiseres overgaat. Eiseres zoekt namelijk een nieuwe aannemer die in haar opdracht de werkzaamheden verricht die niet door de oorspronkelijke aannemer zijn verricht. Dit doet de nieuwe aannemer onder dezelfde voorwaarden (waaronder de begroting) die de klant met de oorspronkelijke aannemer had afgesproken. De rechtbank verwijst hiervoor naar de artikelen 2, 13 en 14 van de Av Afbouwgarantie.
.Ook voert eiseres aan dat het na faillissement van de oorspronkelijke aannemer afbouwen van een project onder dezelfde voorwaarden geen prestatie anders dan in geld is als bedoeld in artikel 7:926, eerste lid, van het BW. Eiseres bouwt niets af en draagt dus ook geen risico van een mogelijk faillissement van de oorspronkelijke aannemer.
26 augustus 2022 verlengd. Eiseres heeft deze termijn voorbij laten gaan zonder de gronden van het beroep in te dienen. Tijdens de zitting heeft eiseres dit alles zonder enige toelichting bevestigd.
Beslissing
- verklaart het beroep tegen de last onder dwangsom ongegrond;
- verklaart het beroep tegen het invorderingsbesluit niet-ontvankelijk;
- wijst het verzoek van eiseres om vergoeding van de proceskosten af.
mr. A. Douwes, leden, in aanwezigheid van mr.P.F.H.M. Terstegge, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 10 november 2022.