ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ6865
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslagen en matiging boetes wegens onvoldoende voortvarendheid en redelijke schatting
Belanghebbende en zijn echtgenote werden door de inspecteur geïdentificeerd als rekeninghouders van een buitenlandse bankrekening bij Van Lanschot Bankiers Luxembourg. De inspecteur legde navorderingsaanslagen en boetes op wegens het niet aangeven van buitenlandse tegoeden over de jaren 1995 tot en met 2005. Belanghebbende betwistte de rechtmatigheid, authenticiteit en identificatie van de gegevens en voerde aan dat de inspecteur niet voortvarend had gehandeld.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur voldoende aannemelijk had gemaakt dat belanghebbende en zijn echtgenote rechthebbenden waren van de buitenlandse rekening. De gegevens waren rechtmatig verkregen en authentiek. De inspecteur had de bewijslast terecht omgekeerd en verzwaard, en de schatting van de saldi en inkomsten was redelijk. Wel was de inspecteur onvoldoende voortvarend bij het opleggen van de tweede serie navorderingsaanslagen, waardoor deze buiten de wettelijke termijn vielen.
De rechtbank vernietigde daarom de navorderingsaanslagen en boetes voor de jaren 1996 tot en met 2001 en de bijbehorende vermogensbelasting. De boetes voor de jaren 1995 en 2002 tot en met 2005 werden gematigd vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Daarnaast werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd het onderzoek heropend voor een nadere uitspraak over immateriële schadevergoeding.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt navorderingsaanslagen voor 1996-2001 wegens onvoldoende voortvarendheid en matigt boetes vanwege overschrijding redelijke termijn.