ECLI:NL:RBZWB:2024:2336
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Conservatoire maatregel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor bril wegens voorliggende voorziening en ontbreken dringende redenen
Eiser vroeg bijzondere bijstand aan voor een bril, nadat zijn zorgverzekeraar slechts gedeeltelijk vergoedde. Werkplein wees de aanvraag af omdat de kosten van een bril onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) vallen als een voorliggende voorziening en er geen dringende redenen waren zoals bedoeld in artikel 16 van Pro de Participatiewet (PW).
Eiser stelde dat hij afhankelijk is van een bril voor goed zicht en autorijden. Ter zitting werd een medisch rapport overgelegd waarin stond dat eiser met zijn huidige bril 80% zicht heeft. Werkplein onderbouwde het besluit met jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) die bevestigt dat brillen tot medische zorg behoren en dat de Zvw als toereikende voorziening geldt, waardoor bijzondere bijstand niet toekomt.
De rechtbank oordeelde dat Werkplein terecht het beroep op een voorliggende voorziening deed en dat het ontbreken van een acute noodsituatie betekent dat geen dringende redenen aanwezig zijn. De medische rapportage bevestigde dat er geen levensbedreigende situatie of blijvend ernstig letsel dreigt. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en eiser heeft geen recht op vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor een bril wegens het ontbreken van dringende redenen en het bestaan van een voorliggende voorziening.