Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet, welke door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oosterhout is afgewezen wegens het ontbreken van bijstandbehoevendheid. De afwijzing is gebaseerd op ontvangen bedragen in september en oktober 2023, die het college als inkomen heeft aangemerkt en die de bijstandsnorm overschrijden.
Eiseres betwist dat deze bedragen als inkomen moeten worden beschouwd, stellende dat het leningen van familie betreffen en dat de stortingen eigen geld zijn. De rechtbank stelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het om leningen gaat, mede omdat geen duidelijke afspraken over terugbetaling en het doel van levensonderhoud zijn vastgelegd. Ook is onvoldoende aangetoond dat stortingen afkomstig zijn van eerder opgenomen contant geld.
De rechtbank bevestigt dat de bijschrijvingen en stortingen terecht als inkomen zijn aangemerkt, waardoor voor september en oktober 2023 geen recht op bijstand bestaat. Voor november en december 2023 heeft het college echter onvoldoende gemotiveerd of bijstandbehoevendheid aanwezig is, waardoor de rechtbank het college in de gelegenheid stelt dit te herstellen binnen acht weken.
De uitspraak is een tussenuitspraak, waarbij verdere beslissingen worden aangehouden totdat het college het gebrek heeft hersteld of dit niet doet. Eiseres kan tegen de einduitspraak hoger beroep instellen, waarbij deze tussenuitspraak meegewogen zal worden.