ECLI:NL:RVS:2007:BA8742
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- P.A. Offers
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verwerking persoonsgegevens op Alijda-lijst wegens onvoldoende wettelijke grondslag en waarborgen
Appellanten verzochten verwijdering of aanpassing van hun persoonsgegevens op de Alijda-lijst, een lijst van mogelijk malafide huiseigenaren in Rotterdam. De hoofdofficier van justitie weigerde dit en stelde dat de gegevens geactualiseerd waren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State onderzocht de wettelijke grondslag voor de verwerking van gewone en strafrechtelijke persoonsgegevens binnen het Alijda-project. Hoewel voor gewone persoonsgegevens een wettelijke basis bestaat onder artikel 8 Wbp Pro, ontbrak een geldige grondslag voor de verwerking van strafrechtelijke gegevens, omdat de vereiste waarborgen en procedures niet waren gevolgd.
Verder oordeelde de Afdeling dat de Privacyregeling onvoldoende duidelijkheid en waarborgen biedt omtrent de criteria voor plaatsing op de lijst en de verstrekking van gegevens aan derden, waardoor de verwerking niet voldoet aan het vereiste van behoorlijke en zorgvuldige verwerking volgens artikel 6 Wbp Pro.
De Raad van State vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en veroordeelde het Openbaar Ministerie tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot verwerking van persoonsgegevens op de Alijda-lijst wordt vernietigd wegens onvoldoende wettelijke basis en gebrekkige waarborgen.