ECLI:NL:RVS:2010:BK9644
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- P.A. Offers
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Vaststelling zicht op uitzetting op basis van Memorandum of Understanding met Somaliland
De staatssecretaris van Justitie stelde een vreemdeling in vreemdelingenbewaring op 24 september 2009. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, hief de bewaring op en kende schadevergoeding toe. De staatssecretaris ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat er op basis van een Memorandum of Understanding (MoU) tussen de Nederlandse Dienst Terugkeer en Vertrek en het Ministerie van Somaliland wel degelijk zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. Dit MoU regelt praktische voorwaarden voor terugkeer, waaronder de mogelijkheid tot gedwongen terugkeer en medewerking van luchtvaartmaatschappijen.
De vreemdeling had geweigerd toestemming te geven voor inzage in het MoU, waardoor de Afdeling bestuursrechtspraak de rechtmatigheid van het besluit beperkt kon toetsen. Volgens vaste jurisprudentie zijn de gevolgen van deze weigering voor risico van de vreemdeling. De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Tevens wees zij het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard en het beroep van de vreemdeling ongegrond; de vreemdeling blijft in vreemdelingenbewaring.