ECLI:NL:RVS:2010:BM0220
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- B. Klein Nulent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen door formele werkgever
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde appellant een boete van €38.500 op wegens overtreding van de artikelen 2 en 15 van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Deze boete betrof het laten verrichten van arbeid door zeven vreemdelingen zonder de vereiste tewerkstellingsvergunning en het niet correct bijhouden van identiteitsdocumenten.
Appellant stelde dat de boete ten onrechte aan hem was opgelegd omdat de rechten en plichten van zijn eenmanszaak waren overgenomen door de rechtspersoon wederpartij, die de arbeidsovereenkomst zou hebben voortgezet. De Raad van State oordeelde dat de datum van de overtreding (29 augustus 2006) bepalend is en dat de rechtspersoon op dat moment nog niet voor derden kenbaar was ingeschreven. Hierdoor was appellant formeel werkgever en aansprakelijk.
De Raad van State verwierp het beroep van appellant en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de boete terecht aan appellant was opgelegd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De boete van €38.500 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen is terecht aan appellant opgelegd en het beroep wordt ongegrond verklaard.