ECLI:NL:RVS:2012:BX4830
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugkeerbesluit en inreisverbod wegens strijd met gelijkheidsbeginsel en motiveringsgebrek
De vreemdeling werd bij besluit van 29 februari 2012 opgedragen de Europese Unie te verlaten en kreeg een inreisverbod opgelegd. Tevens werd hij in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, maar de vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het terugkeerbesluit niet deugdelijk was gemotiveerd, omdat de minister niet had toegelicht waarom de vreemdeling geen vertrektermijn kreeg, terwijl een andere vreemdeling wel een termijn van 28 dagen kreeg. Dit vormde een schending van het gelijkheidsbeginsel. Bovendien kon het inreisverbod niet standhouden zonder een rechtmatig terugkeerbesluit.
De Afdeling vernietigde daarom zowel het terugkeerbesluit als het inreisverbod. Ook werd de maatregel van vreemdelingenbewaring als onrechtmatig beoordeeld wegens het ontbreken van een rechtmatig terugkeerbesluit. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en een schadevergoeding werd toegekend aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het terugkeerbesluit en het inreisverbod zijn vernietigd wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel en onvoldoende motivering; de maatregel van bewaring is onrechtmatig verklaard en vergoeding toegekend.