ECLI:NL:RVS:2014:3127
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel na terugkeer naar Malta
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag die het besluit van 16 april 2012 vernietigde, waarbij een aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd was afgewezen. De rechtbank had geoordeeld dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat de vreemdeling bij terugkeer naar Malta overeenkomstig de relevante internationale beginselen zou worden behandeld.
De Raad van State overwoog dat de staatssecretaris zich niet zonder meer mocht baseren op een instemmingsverklaring van de Maltese autoriteiten uit 2011, omdat deze informatie niet actueel was en er geen nadere toelichting was gegeven over de verblijfsrechtelijke status van de vreemdeling. De brief van VluchtelingenWerk Nederland, waarop de vreemdeling zich beroept, bevatte relevante informatie over de situatie in Malta en was daarom van belang voor de beoordeling.
De staatssecretaris had onvoldoende onderzoek gedaan naar de actuele verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling in Malta en had daarmee zijn vergewisplicht geschonden. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.