ECLI:NL:RVS:2016:3329
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen en matiging boete
De minister legde aan verzoeker een boete van €12.000 op wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker gegrond en vernietigde het besluit, maar de minister ging in hoger beroep.
De Raad van State oordeelde dat verzoeker als feitelijk werkgever moet worden aangemerkt vanwege de omvang en duur van het bouwproject, de intensieve samenwerking met de aannemer en de feitelijke bemoeienis met de werkzaamheden. De minister had dit onvoldoende gemotiveerd.
Verder kon verzoeker zich niet beroepen op de standstill-bepaling van het Aanvullend Protocol met Turkije, omdat de werkzaamheden niet vanuit Turkije werden verricht en de vreemdeling niet in Nederland was gevestigd.
De Raad van State stelde dat verzoeker onvoldoende inspanningen had verricht om de overtreding te voorkomen en matigde daarom de boete naar €8.000. Tevens werden proceskosten aan verzoeker toegekend en het griffierecht vergoed.
Uitkomst: De boete van €12.000 wordt vernietigd en gematigd tot €8.000 wegens feitelijk werkgeverschap en onvoldoende preventieve maatregelen.