ECLI:NL:RVS:2016:776
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete wegens illegale tewerkstelling Bulgaarse werknemers en matiging boete
De minister legde appellant een boete van €12.000 op wegens het inzetten van twee Bulgaarse werknemers zonder tewerkstellingsvergunning. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de vreemdelingen niet als zelfstandigen werkten, maar onder gezagsverhouding van appellant en anderen, wat een overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wav oplevert. De Raad verwierp het verweer dat de boete onredelijk hoog was en dat appellant voldoende zorg had betracht om overtreding te voorkomen.
De Raad matigde de boete op €8.000, conform gewijzigde beleidsregels, en vernietigde het eerdere besluit en vonnis. Tevens veroordeelde de Raad de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: De boete wegens illegale tewerkstelling wordt gematigd naar €8.000 en het eerdere besluit en vonnis worden vernietigd.