ECLI:NL:RVS:2018:2263
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over terugkeer en bewaring vreemdeling
Bij besluit van 24 januari 2018 heeft de staatssecretaris de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod opgelegd, alsmede de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank had deze besluiten vernietigd en de maatregel van bewaring opgeheven, met toekenning van schadevergoeding.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in. De Afdeling oordeelt dat het terugkeerbesluit van 16 januari 2014 nog steeds van kracht is en dat het besluit van 24 januari 2018 geen zelfstandig rechtsgevolg heeft, waardoor het beroep tegen dit besluit niet-ontvankelijk is. De rechtbank was daarom onbevoegd om hierover te oordelen.
Verder is geoordeeld dat het inreisverbod en de maatregel van bewaring gegrond zijn, waarbij de psychische toestand van de vreemdeling voldoende is betrokken en de beschikbare medische zorg in detentie toereikend is. Het beroep tegen deze maatregelen wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk verklaard; het beroep tegen het inreisverbod en de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard.