ECLI:NL:RVS:2018:2490
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing inschrijving in Basisregistratie Personen op betwist adres
Appellant verzocht op 1 juli 2016 om inschrijving in de Basisregistratie Personen (brp) op een adres in Nijmegen, terwijl hij toen als 'adres onbekend' stond geregistreerd. Het college weigerde dit verzoek op 1 september 2016 vanwege gerede twijfel over zijn verblijf op dat adres, gebaseerd op een onderzoek met meerdere huisbezoeken waarbij appellant niet werd aangetroffen en geen persoonlijke spullen werden gevonden.
Na een voorlopige voorziening vond op 15 november 2016 een huisbezoek plaats waarbij appellant wel op het adres aanwezig bleek en sindsdien is ingeschreven. De procedure betrof de periode vóór deze datum. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad oordeelt dat het college terecht onderzoek heeft gedaan naar het feitelijke verblijf en niet alleen naar de bewoonbaarheid van het pand. Het ontbreken van een hoorzitting voorafgaand aan het besluit is hersteld door latere hoorzitting, en het ontbreken van een volledig verslag en toezending van het besluit aan de gemachtigde leidt niet tot nadeel voor appellant. De Raad concludeert dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij vóór 15 november 2016 op het adres woonde en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de inschrijving in de Basisregistratie Personen wordt bevestigd.