ECLI:NL:RVS:2018:3020
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom voor illegaal gebruik en bouwwerken op perceel te Kaatsheuvel
Het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand legde op 29 december 2016 aan appellant een last onder dwangsom op wegens het gebruik van zijn perceel voor opslag en het aanwezig zijn van bouwwerken zonder vergunning. Appellant voerde aan dat het gebruik en de bouwwerken beschermd zouden zijn door het overgangsrecht van het bestemmingsplan en dat het college onrechtmatig handhavend zou optreden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het gebruik van het perceel voor opslag op de peildatum van het overgangsrecht aanwezig was in de aard en omvang zoals nu het geval is. Ook bood het overgangsrecht geen omgevingsvergunning en legaliseerde het de bouwwerken niet.
Verder faalde het beroep op het vertrouwensbeginsel, omdat geen concrete en ondubbelzinnige toezeggingen van het college waren gedaan. Het betoog dat handhaving onevenredig zou zijn werd buiten beschouwing gelaten omdat dit in hoger beroep nieuw was. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom wordt bevestigd.