ECLI:NL:RVS:2018:3985
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens misbruik van recht bij Wob-verzoek
Het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas had een Wob-verzoek van wederpartij gedeeltelijk toegewezen en deels afgewezen. Wederpartij stelde bezwaar en beroep in tegen het besluit, waarop de rechtbank Limburg het beroep gegrond verklaarde en het college een dwangsom oplegde wegens het niet tijdig nemen van een besluit.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat wederpartij misbruik heeft gemaakt van zijn recht om Wob-verzoeken in te dienen en om vaststelling van een dwangsom te verzoeken. Dit misbruik bestond uit het indienen van eensluidende Wob-verzoeken bij meerdere gemeenten met het doel zoveel mogelijk dwangsommen en proceskostenveroordelingen te verkrijgen.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er was geen grond om het betoog van het college over misbruik van recht te verwerpen. De Afdeling zag geen aanleiding om het beroep inhoudelijk te behandelen en wees proceskosten voor het college af.
Deze uitspraak bevestigt de mogelijkheid om beroep niet-ontvankelijk te verklaren indien een Wob-verzoek wordt gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het recht is gegeven, namelijk het verkrijgen van overheidsinformatie, en daarmee misbruik van recht plaatsvindt.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht bij het indienen van het Wob-verzoek en het verzoek om dwangsom.