ECLI:NL:RVS:2019:1048
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening toeslagen en afwijzing proceskostenveroordeling
In deze zaak heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag, huurtoeslag en het kindgebonden budget van appellante over 2014 herzien en vastgesteld op nihil vanwege een te hoog vastgesteld verzamelinkomen van € 52.808,00. Appellante maakte bezwaar en beroep tegen deze besluiten, waarbij later het verzamelinkomen door de Belastingdienst werd aangepast naar € 13.468,00.
De rechtbank oordeelde dat de Belastingdienst/Toeslagen mocht uitgaan van het in de Basis Registratie Inkomen vastgestelde inkomen en dat er geen sprake was van onrechtmatigheid. Appellante stelde in hoger beroep dat de Belastingdienst/Toeslagen een onderzoeksplicht had bij twijfel over het inkomen, wat niet is nageleefd.
De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank en stelt dat de Belastingdienst/Toeslagen verplicht is het door de inspecteur vastgestelde inkomen te volgen en niet zelfstandig onderzoek hoeft te verrichten. Het beroep van appellante faalt en er is geen grond voor proceskostenvergoeding. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep en het verzoek om proceskostenvergoeding af.