ECLI:NL:RVS:2019:788
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- G.M.H. Hoogvliet
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak handhaving bestemmingsplan tegen gebruik perceel door watersportvereniging
Het college van burgemeester en wethouders van Texel wees een verzoek van een inwoner af om handhavend op te treden tegen het gebruik van een perceel door de Watersportvereniging Texel, omdat volgens het college geen strijd met het bestemmingsplan bestond. De rechtbank Noord-Holland oordeelde echter dat het gebruik door de watersportvereniging niet bedrijfsmatig is en daarmee in strijd met het bestemmingsplan, en vernietigde het besluit van het college.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl de appellant incidenteel hoger beroep instelde. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en geoordeeld dat de activiteiten van de watersportvereniging geen bedrijfsmatige activiteiten zijn zoals bedoeld in het bestemmingsplan. Hierdoor is sprake van strijdig gebruik van het perceel.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college bevoegd is handhavend op te treden en dat het betoog dat handhaving onevenredig zou zijn faalt. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel door het college werd verworpen, omdat de verkoop van het perceel geen toestemming voor het gebruik inhield. Ten slotte werd vastgesteld dat milieuvoorschriften buiten de reikwijdte van het handhavingsverzoek vallen. Het hoger beroep van het college en het incidenteel hoger beroep van de appellant worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van het college en het incidenteel hoger beroep van de appellant ongegrond.