ECLI:NL:RVS:2020:404
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- E. Steendijk
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende beoordeling iMMO-rapport
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris het asielrelaas opnieuw moest beoordelen, mede op basis van een rapport van het instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO).
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en voerde aan dat het iMMO-rapport niet voldeed aan de vereisten die de Afdeling eerder had gesteld, omdat het rapport onvoldoende specifiek was over de invloed van psychische problematiek op de verklaringen van de vreemdeling en ten onrechte uitging van de juistheid van de door de vreemdeling gestelde gebeurtenissen.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het iMMO-rapport als voldoende bewijs had gezien om het asielrelaas opnieuw te beoordelen. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de staatssecretaris gegrond. Vervolgens beoordeelde de Afdeling zelf het beroep en verklaarde het ongegrond, omdat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij door zijn werkzaamheden voor de LTTE of andere factoren in de negatieve belangstelling van de Sri Lankaanse autoriteiten zou staan.
De Afdeling besloot dat de staatssecretaris terecht het asielrelaas op basis van de medische stukken en verklaringen tijdens de gehoren had beoordeeld en dat de vreemdeling geen proceskostenvergoeding toekomt.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris blijft in stand.