ECLI:NL:RVS:2021:1680
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers Statenkwartier Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde op 14 juli 2020 het plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in het Statenkwartier. Diverse bewoners en belanghebbenden (appellanten) stelden beroep in tegen de aanwijzing van specifieke locaties voor deze containers. De Raad van State beoordeelde of het college bij de locatiekeuze binnen de beleidsruimte is gebleven en of het besluit zorgvuldig en gemotiveerd is genomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college in het algemeen voldoende rekening heeft gehouden met randvoorwaarden zoals loopafstand, parkeerplaatsen, ondergrondse infrastructuur en verkeersveiligheid. Voor de meeste locaties werd geoordeeld dat het college in redelijkheid tot de gekozen locaties kon komen, mede gelet op de noodzaak van voldoende capaciteit en bereikbaarheid voor de bewoners.
Echter, voor enkele locaties (onder meer locatie 07-65A en 07-42B) werd vastgesteld dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd dat deze locaties voldoen aan de randvoorwaarden, zoals maximale loopafstand en het minimaliseren van het verlies van parkeerplaatsen. Voor deze locaties werd het besluit vernietigd en werd het college opgedragen het besluit opnieuw te nemen met inachtneming van de randvoorwaarden en een betere motivering. Proceskosten werden aan appellanten toegekend waar het beroep gegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het besluit tot aanwijzing van enkele locaties voor ondergrondse restafvalcontainers wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en strijd met randvoorwaarden.