ECLI:NL:RVS:2021:678
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens drugsmisbruik en ongeschiktheid
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) verklaarde het rijbewijs van appellant ongeldig nadat de politie een vermoeden had geuit dat appellant onder invloed van drugs een motorrijtuig bestuurde. Op basis van een psychiatrisch onderzoek door A.V. Kuiper werd vastgesteld dat appellant drugsmisbruik in ruime zin vertoonde.
Appellant betwistte de diagnose en het proces-verbaal, maar slaagde er niet in concrete aanwijzingen te leveren die twijfel konden zaaien over het deskundigenrapport. De rechtbank oordeelde dat het CBR terecht uitging van dit rapport en dat het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wettelijk verplicht was.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak en benadrukt dat het CBR gebonden is aan dwingendrechtelijke regels die geen ruimte laten voor belangenafwegingen. Appellants argumenten over het functioneren onder marihuanagebruik en de wens tot nader onderzoek werden verworpen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens drugsmisbruik en onvoldoende rijvaardigheid.