ECLI:NL:RVS:2023:1566
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.J. Borman
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens onvoldoende medische toetsing overdracht
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam een aanvraag om een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling omdat Duitsland verantwoordelijk was voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. De vreemdelingen, een Syrisch gezin met vier minderjarige kinderen, voerden aan dat de overdracht naar Duitsland een reëel risico inhoudt voor de gezondheid van hun jongste dochter, die lijdt aan een depressieve stoornis en posttraumatische stressstoornis.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende had voldaan aan zijn vergewisplicht. Het advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) hield onvoldoende rekening met alle medische gegevens, waaronder een eerdere suïcidepoging van de jongste dochter en haar huidige ernstige psychische toestand.
Ook was onvoldoende gemotiveerd hoe de belangen van de jongste dochter tijdens de reis naar Duitsland werden gewaarborgd, terwijl haar moeder zelf ernstige stressklachten heeft. De Raad van State vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beval een nieuw besluit met nader onderzoek naar de medische situatie en reisvereisten. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt vernietigd vanwege onvoldoende medische toetsing van de overdracht van de jongste dochter naar Duitsland.