ECLI:NL:RVS:2023:2500
Raad van State
- Hoger beroep
- R. Uylenburg
- W. den Ouden
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overtreding Arbobesluit door onvoldoende voorkomen gevaar losschietende onderdelen looprol
Een werknemer van [appellante] liep op 14 maart 2019 blijvend letsel op door een metaalsplinter die losschoot bij het vervangen van een looprol van een vorkheftruck. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde daarop een bestuurlijke boete van €14.175 op wegens overtreding van artikel 3.17 van het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit). De boete werd gematigd met 25% vanwege het beschikbaar zijn van arbeidsmiddelen en een veiligheidsbril.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van [appellante] tegen de boete ongegrond. [appellante] stelde in hoger beroep dat het ongeval niet onder artikel 3.17 viel, maar onder artikel 8.3 van het Arbobesluit, en dat er sprake was van eigen schuld van het slachtoffer. De Raad van State oordeelde dat het slaan met een hamer op de looprol als bewerking van een product kan worden aangemerkt en dat losschietende metaalsplinters als onderdelen van de looprol gelden, zodat artikel 3.17 van toepassing is.
Verder concludeerde de Afdeling dat [appellante] onvoldoende had aangetoond dat zij een veilige werkwijze had ontwikkeld en adequaat toezicht had gehouden. Ook was niet aannemelijk dat het slachtoffer tegen beter weten in onvoorzichtig had gehandeld. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €14.175 wegens overtreding van artikel 3.17 van het Arbobesluit door onvoldoende voorkomen van gevaar van losschietende onderdelen van een looprol.