ECLI:NL:RVS:2024:2011
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing overplaatsing asielzoeker naar opvang voor meerderjarigen
De zaak betreft een Eritrese asielzoeker die aanvankelijk als minderjarige werd geplaatst in een opvangvoorziening voor minderjarigen, maar later door de staatssecretaris als meerderjarige werd geregistreerd. Het COa plaatste de vreemdeling daarop over naar een opvang voor meerderjarigen en verklaarde het bezwaar tegen deze overplaatsing niet-ontvankelijk. De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat de overplaatsing een besluit is waartegen bezwaar en beroep openstaan.
Het COa ging in hoger beroep, stellende dat de overplaatsing geen besluit is en dat de leeftijdsaanpassing door de staatssecretaris een adequate bestuursrechtelijke rechtsgang biedt. De Afdeling oordeelde dat de overplaatsing wel als een besluit moet worden aangemerkt omdat er geen andere adequate bestuursrechtelijke rechtsgang bestaat tegen de overplaatsing zelf, die losstaat van de leeftijdsvaststelling in de asielprocedure.
Daarnaast stelde de Afdeling dat het COa niet zonder meer mag uitgaan van de leeftijdsbepaling van de staatssecretaris wanneer er concrete aanwijzingen zijn die twijfel rechtvaardigen, zoals in deze zaak het bezwaarschrift en overgelegde documenten van de vreemdeling. Het COa had daarom moeten wachten met de overplaatsing totdat de leeftijdsvraag was opgehelderd.
De grieven van het COa faalden en het hoger beroep werd ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het COa werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van het COa wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid van bezwaar tegen overplaatsing wordt vernietigd.