ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6666
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekkingsbesluit bijstand wegens schending inlichtingenplicht bij hennepkwekerij
Appellanten ontvingen vanaf 19 juni 1995 een bijstandsuitkering. Na politie-invallen in 1997, 1998 en 2000 waarbij hennepkwekerijen werden aangetroffen, stelde de gemeente vast dat appellant geen melding had gemaakt van deze werkzaamheden en inkomsten, waardoor de inlichtingenplicht werd geschonden. De uitkering werd met terugwerkende kracht ingetrokken vanaf 1 maart 1996 en terugvordering van bijstandskosten werd bevolen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het besluit voor de periode tot 1 juli 1997 niet op een juiste wettelijke grondslag berustte en vernietigde dat deel van het besluit. Voor de periode vanaf 1 juli 1997 bleef het besluit in stand, omdat appellanten terecht geen recht op bijstand hadden wegens schending van de inlichtingenplicht.
De Raad wees erop dat de gedeeltelijke strafrechtelijke vrijspraak van appellant geen invloed heeft op het bestuursrechtelijke oordeel. Tevens werd het beroep op het vertrouwensbeginsel afgewezen, omdat geen ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan. De Raad veroordeelde de gemeente in de proceskosten en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan appellanten wordt vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstandsuitkering wordt vernietigd voor de periode voor 1 juli 1997 en bevestigd voor de periode daarna wegens schending van de inlichtingenplicht.