ECLI:NL:CRVB:2006:AY8817
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Langdurigheidstoeslag geweigerd ondanks arbeidsongeschiktheidsuitkering van 80-100%
Appellant, geboren in 1947, ontvangt een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAZ met een mate van 80 tot 100%. Na een arbeidsdeskundig onderzoek en medische beoordeling werd zijn aanvraag voor een langdurigheidstoeslag afgewezen door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen. Het bezwaar en het beroep bij de rechtbank werden eveneens ongegrond verklaard.
De Raad overweegt dat artikel 36, vierde lid, van de WWB bepaalt dat een langdurigheidstoeslag kan worden toegekend aan personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering van ten minste 80% waarbij bij de laatste beoordeling is afgezien van een arbeidsdeskundig onderzoek. In dit geval heeft echter wel een arbeidsdeskundig onderzoek plaatsgevonden, wat tot weigering leidde.
De wetsgeschiedenis toont aan dat de toeslag bedoeld is voor personen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en zonder reëel arbeidsmarktperspectief. De Staatssecretaris heeft uitgelegd dat ook bij een arbeidsdeskundig onderzoek toch een langdurigheidstoeslag kan worden toegekend indien er geen duurzame arbeidsmogelijkheden zijn. De Raad concludeert dat appellant geen reëel arbeidsmarktperspectief of verdiencapaciteit heeft en vernietigt het besluit van het College. Het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen en wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij de langdurigheidstoeslag aan appellant wordt toegekend.