ECLI:NL:CRVB:2007:BA2072
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht
Appellante ontving een bijstandsuitkering naast haar inkomsten uit arbeid en heeft niet de juiste loonbedragen opgegeven op de maandelijkse inkomstenformulieren over de periode van 1 juni 2000 tot en met 28 februari 2003. De Raad oordeelt dat appellante haar inlichtingenplicht volgens artikel 65 van Pro de Algemene bijstandswet heeft geschonden door onjuiste gegevens te verstrekken en niet tijdig contact op te nemen met haar bijstandsconsulent bij onduidelijkheden.
Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft op grond van artikel 54 van Pro de Wet werk en bijstand (WWB) de bijstand herzien en de te veel betaalde bedragen teruggevorderd op basis van artikel 58 van Pro de WWB. De Raad stelt vast dat het College heeft gehandeld binnen de grenzen van redelijke beleidsregels, ondanks dat de gemeenteraad met de Handhavingsverordening WWB haar verordenende bevoegdheid heeft overschreden.
Appellante voerde aan dat zij de loonstrook had getoond en dat de inkomstenformulieren onvoldoende ruimte boden voor alle gegevens, maar deze grieven werden verworpen. Ook het beroep op eerdere jurisprudentie omtrent terugvordering binnen zes maanden werd niet gevolgd. De Raad bevestigt het besluit van het College en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenplicht en verklaart het hoger beroep ongegrond.