ECLI:NL:CRVB:2008:BD4216
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WAO-uitkering ondanks bezwaar over medische beoordeling en geloofsovertuiging
Appellant ontving een WAO-uitkering wegens psychische klachten met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100%. Het UWV verlaagde deze uitkering in 2004 naar 55-65% na een medische herbeoordeling. Appellant maakte bezwaar tegen deze verlaging en voerde aan dat de medische beoordeling onjuist was vanwege een chronische depressie en dat een onafhankelijke psychiater nader onderzoek had moeten verrichten.
Daarnaast stelde appellant dat de voorgehouden functie van inpakker vleessnacks ongeschikt was vanwege zijn hindoeïstische geloof, dat het aanraken van vleesproducten verbiedt. Ook voerde hij aan dat de schatting van de arbeidsmogelijkheden niet voldeed aan de eisen van transparantie en dat sprake was van een bijzondere belasting in de functies.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad stelde zich achter deze overwegingen. De Raad oordeelde dat de medische beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) juist waren vastgesteld en dat het UWV rekening had gehouden met medicijngebruik. De bijzondere belasting was voldoende toegelicht en de persoonlijke geloofsovertuiging speelde geen rol bij de theoretische schatting van arbeid. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat geen gelijke gevallen waren aangetoond.
Het hoger beroep van appellant werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep van appellant af.