ECLI:NL:CRVB:2008:BE9377
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vergoeding loonschade na onrechtmatig loonsanctiebesluit UWV
Appellante stelde het UWV aansprakelijk voor loonschade voortvloeiend uit een onrechtmatig loonsanctiebesluit van 23 juli 2003, dat later door het UWV werd ingetrokken. De rechtbank wees de loonschadevordering af, maar veroordeelde het UWV tot vergoeding van extra re-integratiekosten. In hoger beroep stelde appellante dat 100% van het loon vergoed moest worden, terwijl het UWV slechts 70% aansprakelijk achtte.
De Raad overwoog dat het onrechtmatige besluit van het UWV een onrechtmatige daad opleverde en dat het UWV in beginsel aansprakelijk is voor de schade. De vergoeding is echter beperkt tot 70% van het loon zoals bepaald in de toepasselijke wet- en regelgeving, met inachtneming van het wettelijk minimumloon. De Raad verwierp de claim voor administratiekosten wegens onvoldoende onderbouwing.
Daarnaast oordeelde de Raad dat het UWV niet willekeurig handelde door slechts 70% te vergoeden, aangezien een interne richtlijn was aangepast om dit percentage te hanteren. De Raad vernietigde het bestreden vonnis voor zover het de loonschade betrof en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de schade en proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van 70% van de loonschade inclusief werkgeverslasten en wettelijke rente, en tot betaling van proceskosten.