ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5194
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting
Appellant ontving een bijstandsuitkering over meerdere perioden tussen 2001 en 2004. Naar aanleiding van een fraudesignaal stelde de gemeente Rotterdam een onderzoek in, waaruit bleek dat appellant betrokken was bij dertien geldtransacties naar de Nederlandse Antillen ter waarde van ruim €31.000. Appellant verklaarde een vergoeding van €10 per transactie te hebben ontvangen, maar leverde geen controleerbare bewijsstukken.
Het College van burgemeester en wethouders trok de bijstand over diverse perioden in en vorderde de kosten terug wegens het niet nakomen van de inlichtingenverplichting. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat de sanctie onevenredig was in verhouding tot de geringe omvang van de inkomsten.
De Raad oordeelde dat de schending van de inlichtingenverplichting een geldige grond is voor intrekking en terugvordering van bijstand. Appellant slaagde er niet in aan te tonen dat hij recht had op bijstand over de betreffende perioden. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een evenredigheidstoets af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wegens schending van de inlichtingenverplichting.