ECLI:NL:CRVB:2009:BK1252
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde inwoning dochter
Appellante ontving bijstand en had de gemeentelijke toeslag aangepast vanwege de veronderstelde inwoning van haar meerderjarige dochter. Na onderzoek door de sociale recherche bleek dat appellante de inwoning van haar dochter niet had gemeld over meerdere periodes, wat leidde tot intrekking van bijstand en terugvordering van kosten.
De rechtbank verklaarde het beroep deels niet-ontvankelijk en wees het beroep tegen het besluit van herziening en terugvordering af. Appellante stelde in hoger beroep dat zij de inwoning wel had gemeld en dat de intrekking per 1 oktober 2005 buiten beschouwing was gelaten.
De Raad oordeelde dat appellante in strijd met haar inlichtingenplicht heeft gehandeld door geen correcte opgave te doen over de inwoning van haar dochter in de relevante perioden. De Raad bevestigde dat het College bevoegd was tot herziening en terugvordering en dat het beroep van appellante niet slaagt. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.