ECLI:NL:CRVB:2012:BV7463
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling financiële tegemoetkoming voor gebruik eigen auto onder Wmo
Appellante, met beperkingen waarvoor zij een scootmobiel en aanpassingen aan haar auto heeft ontvangen, vroeg om voortzetting van een financiële tegemoetkoming voor het gebruik van haar eigen auto. Het college kende haar een halve tegemoetkoming van €494 per jaar toe, gebaseerd op een verondersteld gebruik van ongeveer 1500 kilometer per jaar.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante dat de kosten van het gebruik van haar auto hoger zijn dan het college had meegewogen en dat zij daarom recht heeft op de volledige tegemoetkoming van €988 per jaar.
De Raad stelde vast dat de jurisprudentie onder de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) ook van toepassing is op de Wmo, waarbij een vervoersvoorziening voor ongeveer 1500 tot 2000 kilometer per jaar als toereikend wordt beschouwd. De Raad vond dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat haar vervoersbehoefte hiervan afwijkt, mede omdat zij voor korte afstanden gecompenseerd wordt door haar scootmobiel.
Daarnaast oordeelde de Raad dat de berekening van appellante onjuist was omdat afschrijving en rente niet tot de vervoerskosten behoren, en dat andere kosten onvoldoende waren onderbouwd. Het college had de kosten op een lager bedrag per kilometer berekend dan appellante had voorgesteld.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank dat de tegemoetkoming van €494 per jaar toereikend is en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de financiële tegemoetkoming van €494 per jaar toereikend is en wijst het hoger beroep af.