ECLI:NL:CRVB:2013:2207
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering studiefinanciering aan vreemdeling zonder nationaliteitsvereiste
Appellant, houder van de Guinese nationaliteit en met een verblijfsvergunning die op zijn 18e verliep, verzocht om studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 (Wsf 2000). De Minister wees dit af omdat appellant niet voldeed aan het nationaliteitsvereiste noch aan de gelijkstellingsregeling. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en verwierp tevens de beroepgronden op artikel 2 van Pro het Eerste Protocol en artikel 14 van Pro het EVRM.
In hoger beroep stelde appellant dat hij rechtmatig in Nederland verbleef en dat weigering van studiefinanciering in strijd was met EVRM-artikelen 2 van het Eerste Protocol, 14 en 8. De Raad overwoog dat appellant sinds zijn 18e rechtmatig verblijft op grond van artikel 8 Vreemdelingenwet Pro 2000, maar dat dit geen grond geeft voor een positieve verplichting tot studiefinanciering. De Raad verwees naar eerdere jurisprudentie waarin het onderscheid in verblijfsrecht gerechtvaardigd werd en dat studiefinanciering binnen het beoordelingsvrijheid van de overheid valt.
Voorts concludeerde de Raad dat de weigering geen onmogelijkheid tot normale ontwikkeling van privé- en gezinsleven oplevert, mede omdat appellant meerderjarig is. De positieve verplichting op grond van artikel 8 EVRM Pro rust primair op andere bestuursorganen dan de Minister van Onderwijs. Gelet hierop is geen strijd met het EVRM en wordt het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van studiefinanciering aan appellant bevestigd.