ECLI:NL:CRVB:2015:1240
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening ouderdomspensioen wegens verblijf in Ghana onder Wet BEU
Verzoeker, geboren in Nederland en sinds maart 2006 gerechtigd tot AOW, verhuisde medio mei 2011 naar Ghana. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) herzag zijn ouderdomspensioen per juni 2011 op grond van de Wet beperking export uitkeringen (Wet BEU), verlaagde het van 70% naar 50% en vorderde te veel betaalde bedragen terug. De rechtbank verklaarde dit terecht.
In hoger beroep stelde verzoeker dat hij pas vanaf eind september 2011 duurzaam in Ghana woonde, omdat hij toen zelfstandige woonruimte huurde en een verblijfsvergunning had. De Raad oordeelde dat de duurzame band met Nederland pas toen eindigde en dat de herziening en terugvordering daarom niet per medio mei 2011 maar vanaf eind september 2011 aan de orde zijn.
Verder oordeelde de Raad dat de Wet BEU en artikel 9a AOW geen ontoelaatbare inbreuk maken op het eigendomsrecht en geen discriminatie vormen. De verlaging van het pensioen is niet volledig, maar van 70% naar 50%, en vormt geen individuele en buitensporige last. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
De eerdere uitspraak en besluiten werden vernietigd en de Svb opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verzoeker krijgt vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De herziening en terugvordering van het ouderdomspensioen gelden vanaf eind september 2011; eerdere besluiten worden vernietigd.