Uitspraak
9 augustus 2013, 12/2020 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontvangt sinds 1998 bijstand. Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen kreeg informatie dat zij over vermogen zou beschikken en verzocht haar daarom om bankafschriften over te leggen. Appellante voldeed niet tijdig aan dit verzoek, waarna het college haar bijstand opschortte en uiteindelijk introk op grond van artikel 54, vierde lid, van de WWB.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze intrekking ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante onder meer dat het college niet bevoegd was tot intrekking en dat haar eigendomsrecht was geschonden. De Raad oordeelde dat de gevraagde bankafschriften relevante gegevens zijn voor de bijstandsverlening en dat appellante verwijtbaar tekort was geschoten in het tijdig aanleveren hiervan. Haar beroep op het eigendomsrecht faalde, evenals haar overige bezwaren.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De intrekking van de bijstand blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens het niet tijdig verstrekken van gevraagde gegevens wordt bevestigd.