ECLI:NL:CRVB:2017:2459
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing Wajong-aanvraag wegens onvoldoende medische grondslag
Appellant diende een Wajong-aanvraag in op grond van sinds jeugd bestaande psychische klachten. Het UWV wees de aanvraag af omdat onvoldoende gegevens beschikbaar waren om arbeidsongeschiktheid rond zijn 18e vast te stellen.
Na bezwaar en beroep bleef het UWV bij haar standpunt dat appellant niet arbeidsongeschikt was per de relevante datum, mede op basis van een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische aandoeningen en licht verstandelijke beperking. Een door de Raad benoemde deskundige concludeerde dat appellant in de relevante periode wel degelijk beperkingen had die niet volledig in de FML waren verwerkt.
De Raad volgde het deskundigenadvies en oordeelde dat het bestreden besluit niet op een deugdelijke medische grondslag berust. De zaak werd vernietigd en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij beroep alleen bij de Raad kan worden ingesteld. Proceskosten werden aan appellant toegekend, schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de Wajong-aanvraag wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.