ECLI:NL:CRVB:2019:1696
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling maatgevende functie psychiater bij WIA-uitkering
Appellante, werkzaam als psychiater, kreeg een WIA-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid. Het UWV stelde vast dat zij geschikt was voor haar eigen werk van 32 uur per week, waardoor haar uitkering werd beëindigd en teruggevorderd. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de maatgevende functie moest worden vastgesteld op 38 uur per week, omdat zij een 'medische afzakker' zou zijn en een niet gerealiseerde toekomstverwachting had.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante nooit als psychiater voor 38 uur per week heeft gewerkt en daarom geen sprake is van een medische afzakker. Ook was er geen redelijke verwachting dat zij een 38-urige functie zou bekleden als zij niet arbeidsongeschikt was geworden. De laatstelijk verrichte arbeid van 32 uur per week blijft dus maatgevend.
De Raad bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank Amsterdam dat het UWV terecht de maatgevende functie heeft vastgesteld op 32 uur per week. De beroepen van appellante tegen de besluiten van het UWV werden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de maatgevende functie 32 uur per week bedraagt en wijst het hoger beroep af.