Appellante, een gewezen ambtenaar van de GGD Brabant-Zuidoost, stelde het bestuur aansprakelijk voor schade voortvloeiend uit incidenten tijdens haar dienstverband. Het bestuur wees de schadeclaim af in een brief van 3 februari 2020, die appellante als een bestuursrechtelijk besluit beschouwde. De rechtbank verklaarde zich echter onbevoegd omdat het bericht van de verzekeraar geen bestuursrechtelijk besluit zou zijn en het bestuursrecht na 1 januari 2020 niet van toepassing zou zijn.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bericht van de verzekeraar geen besluit is, maar dat de brief van het bestuur van 3 februari 2020 wel een primair bestuursrechtelijk besluit vormt. De Raad verduidelijkt het overgangsrecht van de Ambtenarenwet 2017 en stelt dat geschillen met gewezen ambtenaren wiens dienstverband vóór 1 januari 2020 eindigde, ook na die datum bestuursrechtelijk blijven, ook als hun aanstelling bij voortzetting in een arbeidsovereenkomst zou zijn omgezet.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank, wijst de zaak terug voor verdere behandeling en benadrukt dat voorafgaand aan beroep bezwaar moet worden gemaakt. Tevens veroordeelt de Raad het bestuur tot vergoeding van kosten en griffierecht.