ECLI:NL:CRVB:2023:316
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
UWV mag geen voorschotten WIA-uitkeringen verhalen op eigenrisicodrager schoonmaakbedrijf
Het UWV had aan zestien (ex-)werknemers van een schoonmaakbedrijf, dat eigenrisicodrager is, voorschotten op WIA-uitkeringen verleend en deze kosten aan het bedrijf toegerekend. Het bedrijf stelde dat hiervoor geen wettelijke grondslag bestond en ging in beroep tegen deze toerekeningsbesluiten.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van het schoonmaakbedrijf gegrond en vernietigde de toerekeningsbesluiten. Het UWV ging in hoger beroep, stellende dat de Wet WIA en jurisprudentie een toerekening van voorschotten aan eigenrisicodragers toestaan, ook voor niet-zelfbetalende eigenrisicodragers.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de Wet WIA geen expliciete grondslag biedt om voorschotten toe te rekenen aan eigenrisicodragers vóór de wetswijziging van 1 januari 2022. Het recht op WGA-uitkering ontstaat pas definitief bij vaststelling door het UWV, en voorschotten kunnen niet gelijk worden gesteld aan daadwerkelijke uitkeringsbetalingen. De Raad bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en veroordeelde het UWV in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.