ECLI:NL:CRVB:2025:977
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schadevergoeding wegens niet-onrechtmatige voorbereidingshandelingen UWV
Appellant ontving een WW-uitkering en startte een zelfstandige activiteit met toestemming van het UWV. Na een vermoeden van onjuiste urenopgave startte het UWV een onderzoek, waarbij ook klanten werden benaderd om de opgegeven werktijden te verifiëren. Appellant stelde dat dit onrechtmatig was en eiste schadevergoeding wegens reputatieschade en omzetverlies.
De rechtbank wees het verzoek tot schadevergoeding af, omdat de voorbereidingshandelingen van het UWV niet onrechtmatig waren. Het UWV had een gerechtvaardigd belang en gebruikte proportionele en subsidiariteitsgetoetste onderzoeksmiddelen. Appellant weigerde gevraagde informatie te verstrekken, waardoor het horen van getuigen noodzakelijk was.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het UWV had binnen zijn bevoegdheid gehandeld en de onderzoeksmethoden waren passend en noodzakelijk. Er was geen grond voor aansprakelijkheid en vergoeding van schade. Het hoger beroep werd verworpen en appellant kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat de voorbereidingshandelingen van het UWV niet onrechtmatig waren.