ECLI:NL:CRVB:2026:401
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering AIO wegens schending inlichtingenverplichting pensioen
Appellante ontving een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) en werd geconfronteerd met een herziening en terugvordering van deze uitkering omdat zij niet had gemeld dat haar inmiddels overleden echtgenoot pensioeninkomsten uit Frankrijk ontving.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) baseerde haar besluit op informatie van het Franse pensioenorgaan Carsat en het Bureau Sociale Zaken, waaruit bleek dat het pensioen daadwerkelijk aan de echtgenoot was uitbetaald. Appellante voerde aan dat sprake was van een persoonsverwisseling en dat zij niet op de hoogte was van het pensioen, maar slaagde er niet in deze twijfel aannemelijk te maken.
De Raad oordeelde dat de inlichtingenverplichting geldt voor beide partners als een eenheid en dat appellante zich niet kon beroepen op onbekendheid met de financiële situatie van haar echtgenoot. Ook het beroep op dringende redenen om van terugvordering af te zien werd verworpen, omdat de belangenafweging van de Svb niet onevenwichtig was en appellante over een inkomen boven de beslagvrije voet beschikte.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, waardoor de herziening en terugvordering van de AIO in stand blijven. Appellante krijgt geen vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van de AIO wegens schending van de inlichtingenverplichting door appellante.