ECLI:NL:GHAMS:2010:BM8900
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- O.B. Onnes
- Rechtspraak.nl
Hof bevestigt navorderingsaanslagen en boetes inzake buitenlandse bankrekeningen met correcties voor particulieren
Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 10 juni 2010 uitspraak gedaan in een belastingzaak betreffende navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen opgelegd aan belanghebbende voor de jaren 1990 tot en met 2000. Het geschil betrof de vraag of belanghebbende terecht was aangemerkt als houder van rekeningen bij de KB-Luxbank in Luxemburg en of de correcties en boetes terecht waren opgelegd.
Het hof achtte het onderzoek van de Belastingdienst betrouwbaar en aannemelijk dat belanghebbende gedurende de relevante periode rekeninghouder was. De correcties voor ondernemers werden voor de jaren 1990-1998 en vermogensbelasting 1991-1999 verminderd tot correcties voor particulieren, omdat belanghebbende niet overtuigend had aangetoond ondernemer te zijn in die jaren. De factor 1,5 in de schatting werd geëlimineerd door correcties met een derde te verminderen.
Met betrekking tot de boetes oordeelde het hof dat belanghebbende bewust tegoeden aanhield in Luxemburg met bankgeheim, wat strafverzwarende omstandigheden oplevert. De boetes werden gematigd tot 64% van de nagevorderde belasting vanwege onzekerheden in de schatting en overschrijding van de redelijke termijn. Het hof wees verzoeken tot aanhouding en terugwijzing af en wees het aanbod tot getuigenbewijs grotendeels af. Tevens werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen en boetes worden deels verminderd, correcties voor ondernemers vervangen door particulierencorrecties, boetes gematigd tot 64%, en inspecteur veroordeeld tot kostenvergoeding.